MEDITATIEF MOMENT - De kerk is fantastisch MEDITATIEF MOMENT - De kerk is fantastisch

De kerk is fantastisch

Wie tegenwoordig een boekje schrijft met de titel ‘De kerk is fantastisch’ is een  moedig mens. Want alles wat we binnen en buiten de kerk zeggen over de kerk, behalve dat de kerk fantastisch is. Rik Torfs, kerkrechtdeskundige, televisiemaker, columnist en twitteraar heeft het aangedurfd.  Rik Torfs spaart de kerk niet en toch blijft hij zeggen ‘de kerk is fantastisch’.
Toen ik de aankondiging van het boekje zag dacht ik : Nee, niet weer zo’n kerkopbouwboek met statistieken vol met modellen en geschreven in een niet te verteren proza. Een recensie van een collega, van Mirjam Elbers, trok me over de streep om het toch te kopen en te lezen.

Op de vraag ‘wat is de kerk’ zullen maar weinigen antwoorden ‘de kerk is fantastisch’. Velen wijzen op het gebouw, de rijkdom van de kerkgebouwen en de overbodigheid daarvan. De kerk is een gemeente en een hutje zou haar genoeg moeten zijn. Anderen wijzen op de talrijke schandalen waar de kerken mee te maken heeft. De kerk heeft het boetekleed moeten aantrekken en nog steeds wordt de kerk en de mensen van de kerk aangekeken op wat er allemaal aan seksueel misbruik, aan financiële malversaties, aan misbruik van macht is geschied. Het lijkt er op alsof we het lied ‘de vreugde voert ons naar dit huis’ niet mogen zingen.

De kerk is fantastisch omdat hij zo onvolmaakt is en zo beschadigd! Dat is kort maar krachtig de verklaring van de titel. In een achttal hoofdstukken laat Rik Torfs zien waarom de kerk fantastisch is. De inhoud van ieder hoofdstuk is vaak onverwacht als je uitgaat van wat de titel in eerste instantie oproept.
De kerk als gebouw
De kerk mag een gastvrij gebouw zijn. God woont er en God is gastvrij. Ook al gebeurt er weinig en is het gebouw ‘er zomaar’ dan nog is de kerk een verwijzend teken in een stad dat verbindt. Het gebouw mag een oriëntatiepunt zijn in een wereld van gedesoriënteerden.
De kerk als verrotting
Het ideaal beeld van de kerk: ‘Een bloeiende geloofsgemeenschap’, ‘De gelovigen zijn broeders en zusters onder elkaar’, conform Hand 4:32: ‘De groep mensen die het geloof had aanvaard, leefde eendrachtig samen. Geen van hen beschouwde zijn bezittingen als zijn persoonlijk eigendom, want ze hadden alles gemeenschappelijk.’
Maar waar mensen geregeld bij elkaar komen, ontstaat automatisch een vorm van institutionalisering. Dit geldt ook voor de kerk als gemeenschap. En daar ontstaat de verrotting. Maar in het falen van het instituut ligt de kracht van het christelijk leven. Verrotting geeft humus en op humus kan iets nieuws groeien.
De kerk voor ongelovigen
In de kerk is ruimte voor alle vormen van geloof: ongeloof, twijfel, atheïsme. De zegen van paus Franciscus op 27 maart 2020 op een leeg Sint Pietersplein was voor ‘Urbi et orbi’, voor stad en wereld, zonder onderscheidingen. De kerk is er voor heel oecumene, heel de bewoonde wereld.
De kerk als oase
De kerk biedt ook de mogelijkheid om je even terug te trekken uit de wereld. Om bij te komen door middel van gebed, contemplatie, de kloosters, de muziek.
De kerkdienst zelf is zo’n oase, een uur iets anders dan het overspannen leven.
En wat te denken van het ambtsgeheim, de biecht?
De kerk schept zelfs oases zoals het asielrecht. Soms biedt de kerk een veilige haven voor wie geen plaats meer hebben om het hoofd neer te leggen, voor wie in gevaar zijn.
De kerk als hospitaal: we horen op de achtergrond paus Franciscus die de kerk ziet als een veldhospitaal, open voor allen en ieder.
De kerk moet een Blijde Boodschap uitstralen en iedereen opnemen om de wonden te laten helen. Het is een kerk van barmhartigheid, generositeit, vergiffenis.
De kerk en humor
Humor is levensnoodzakelijk wanneer je er positief in de staat en er – ook ambtshalve – in werkt. Al eeuwenlang heeft de kerk (het instituut) de neiging om aan te schurken tegen ideologische stromingen en de heersende machthebbers. ‘Humor beschermt de waarheid.’ Door humor schep je ruimte voor de groei van de waarheid.
De kerk en schoonheid
Er zijn veel mooie kerken, wie geniet er niet van? Die schoonheid heeft vaak een religieuze dimensie, voor gelovigen en niet-gelovigen. Laten we zuinig zijn op die schoonheid!
De kerk en de opstanding
De kerk is een van de laatste plaatsen in onze samenleving waar het verrijzenisgeloof wordt beleden. Heeft verrijzenis ‘nut’? Je kunt je ook afvragen; ‘Heeft liefde ‘nut’?’ Misschien is dit laatste hoofdstuk wel de kern. De kerk is een van de laatste plaatsen waar we kunnen zeggen dat de dood niet het laatste woord is. De plaats waar we zeggen dat het anders kan, anders moet en anders zal worden, ondanks onszelf. De plaats waar wíj in Christus naam opstaan tegen de doodsmachten , de kapotmakende machten en krachten in onze samenleving, in de schepping.

Stuk voor stuk bieden de hoofdstukken gespreksvragen. Hoe is het met mijn kerk, onze kerkelijke gemeente gesteld?

De kerk is ontzettend onvolmaakt. Het christendom is fragmentair. En daarom is de kerk geen geolied systeem en dus geen ideologie. De kerk is een levend organisme, met al haar feilen. En daarom blijft die kerk fantastisch.

Een ‘fantastisch’ boek.
Een aanrader voor iedereen van wie de zuurgraad in en door de kerk oploopt!

Ds. Guus A.V. Fröberg
 
 

terug